Pas op met creditfacturen

Pas op met creditfacturen. Sinds 17 december 2014 vervangt het nieuwe besluit over de administratieve-, facturerings- en andere verplichtingen op het gebied van de omzetbelasting, die van 27 juni 2012. Het besluit zelf kunt u hier nalezen. Als gevolg van een arrest van de Hoge Raad (Stadeco II) zijn onderdelen van het besluit over creditfacturen aangepast. De aanpassingen zien toe op situaties waarbij de ondernemer ten onrechte btw of te veel btw op de factuur heeft gezet en deze factuur ook heeft uitgereikt (verwijzing in het besluit naar artikel 37 van de wet op de omzetbelasting 1968). De situaties waar dit op toeziet zijn:

– hanteren van het verkeerde tarief;

– hanteren van een tarief terwijl de levering en/of dienst is vrijgesteld;

– btw berekenen bij de overgang van een gehele of gedeelte van een algemeenheid van goederen;

– btw berekenen bij een levering of dienst waarbij de heffing van de btw is verlegd naar de afnemer.

Na uitreiking van de factuur met ten onrechte btw of te veel btw is de uitreiker de btw toch verschuldigd. De wetgever heeft hiermee getracht te voorkomen dat de ontvanger van de factuur de btw in aftrek brengt en de uitreiker van de factuur de btw niet of deels af gaat dragen (men komt er achter dat de factuur onjuist is). De wetgever heeft om die reden eisen gesteld aan de wijze waarop de uitreiker de factuur mag corrigeren.

De uitreiker van de factuur kan deze corrigeren door:

– de factuur terug te nemen, al dan niet tegen uitreiking van een nieuwe factuur die wel voldoet; of

– de factuur aan te vullen met een daadwerkelijk aan de ontvanger van de oorspronkelijke factuur uit te reiken creditfactuur zodat beide facturen samen juist zijn.

Tevens dient de uitreiker het gevaar voor verlies van belastinginkomsten uit te schakelen door:

– aan te tonen dat de ontvanger de btw niet in aftrek kan brengen of niet in aftrek heeft gebracht; of

– aan te tonen dat de factuur door de uitreiker is teruggenomen en niet meer kan worden gebruikt voor het uitoefenen van het aftrekrecht; of

– aan te tonen dat de ontvanger de ten onrechte in aftrekt gebrachte btw weer op aangifte heeft voldaan (dus terugbetaald).

De uitreiker die de ten onrechte gefactureerde btw moet voldoen kan de Belastingdienst verzoeken om een herziening van deze btw. Het verzoek vormt een grond van bezwaar tegen de voldoening op aangifte waarin de ten onrechte gefactureerde btw is begrepen. Verder is nog een beroep mogelijk of een ambtshalve vermindering. Zelf verwerken van de correctie in het reguliere aangiftetijdvak is niet toegestaan.

Als de ten onrechte of te veel in rekening gebrachte btw niet is voldaan, kan de inspecteur die belasting bij de uitreiker, maar ook bij de ontvanger van de factuur naheffen! De inspecteur heeft dus keus. Natuurlijk kunnen er ook andere redenen zijn om een creditfacturen uit te reiken zoals het terugnemen van geleverde goederen in ongebruikte staat of het verminderen van de vergoeding vanwege betalingsproblemen van de afnemer. Artikel 29 lid 1 van de wet ziet hier op toe en geeft aan dat dit middels een verzoek aan de inspecteur dient te geschieden. Maar dat wist u waarschijnlijk wel.